ECLI:NL:GHARN:2012:BX4777
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling van ongevallenuitkeringen aan hoofdagent
Belanghebbende, een hoofdagent, raakte tijdens rijoefeningen op een militair oefenterrein ernstig gewond. In 2009 ontving hij twee ongevallenuitkeringen: een uitkering van €39.711,08 op grond van artikel 54a van het Besluit algemene rechtspositie politie (Barp) en een uitkering van €8.848,84 via een collectieve privé ongevallenverzekering. Beide uitkeringen werden door de werkgever belast met loonheffing.
De Inspecteur rekende beide uitkeringen tot het belastbaar inkomen uit werk en woning in de voorlopige aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2009. Belanghebbende maakte bezwaar en stelde beroep in bij de rechtbank, die de aanslag handhaafde. Het Gerechtshof Arnhem vernietigde vervolgens de uitspraak van de rechtbank en de uitspraken op bezwaar en oordeelde dat slechts de uitkering op grond van artikel 54a Barp belastbaar is als loon.
Het hof baseerde zich op jurisprudentie van de Hoge Raad waarin is bepaald dat vergoedingen voor immateriële schade en verlies van arbeidskracht die voortvloeien uit rechtspositionele regelingen als loon moeten worden beschouwd. De tweede uitkering, die niet voortvloeit uit een rechtspositionele regeling of arbeidsovereenkomst, maar uit een mogelijke werkgeversaansprakelijkheid, werd niet als loon aangemerkt. De voorlopige aanslag werd dienovereenkomstig verminderd en de heffingsrente aangepast.
De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende en de griffierechten werden aan belanghebbende vergoed. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en de voorlopige aanslag inkomstenbelasting wordt verminderd waarbij slechts de uitkering op grond van artikel 54a Barp als belast loon wordt aangemerkt.