ECLI:NL:GHDHA:2015:2329
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- W.M.G. Visser
- A. van Dongen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging forfaitaire proceskostenvergoeding bij te late naheffingsaanslag dividendbelasting
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag dividendbelasting opgelegd voor het jaar 2005, die later door de Inspecteur werd verminderd. De rechtbank vernietigde de aanslag wegens overschrijding van de wettelijke termijn en kende een forfaitaire proceskostenvergoeding toe.
In hoger beroep betwistte belanghebbende de hoogte van de proceskostenvergoeding en vorderde vergoeding van de werkelijk gemaakte kosten en immateriële schade wegens de lange duur van de procedure. Het Hof oordeelde dat de overschrijding van de aanslagtermijn niet leidde tot onzorgvuldig handelen of tegen beter weten in procederen door de Inspecteur.
De rechtbank had de forfaitaire vergoeding terecht toegekend en het verzoek om vergoeding van immateriële schade werd afgewezen omdat de redelijke termijn niet was overschreden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de forfaitaire proceskostenvergoeding bevestigd; vergoeding van werkelijk gemaakte kosten en immateriële schade wordt afgewezen.