ECLI:NL:GHDHA:2015:3467
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- C.A. Joustra
- V. Disselkoen
- C.J. Frikkee
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kennelijk onredelijk ontslag wegens onvoldoende ontslagvergoeding
In deze zaak stond het hoger beroep centraal tegen een eerdere uitspraak over het ontslag van appellant bij Van Dool Technics. Het hof had eerder vastgesteld dat de gevolgen van het ontslag voor appellant ernstig waren, mede vanwege zijn leeftijd en lange dienstverband, en dat de ontvangen ontslagvergoeding op grond van het Sociaal Plan te laag was om het ontslag als redelijk te beschouwen.
Van Dool Technics had toegelicht dat het beschikbare budget voor ontslagvergoedingen beperkt was en dat een maximum van €2.500 bruto maandsalaris was gehanteerd om het totaalbudget te spreiden. Het hof concludeerde echter dat deze maximering leidde tot een ongelijke behandeling van appellant, die een aanzienlijk hoger salaris en functie had dan de meeste andere ontslagen werknemers.
Het hof hield rekening met de slechte arbeidsmarktpositie van appellant en berekende de inkomensschade op €65.043,34 bruto, waarvan 70% werd toegekend vanwege de financiële situatie van Van Dool Technics. Dit resulteerde in een aanvullende vergoeding van circa €45.500 bruto. De gevorderde immateriële schadevergoeding werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. Van Dool Technics werd tevens veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Van Dool Technics wordt veroordeeld tot betaling van een aanvullende bruto ontslagvergoeding van €45.500 wegens kennelijk onredelijk ontslag.