Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
VII.(…)
Indien u vóór de pensioendatum door ontslag onze dienst verlaat, blijven aanspraken bestaan als verkregen door alle tot op het tijdstip van vertrek aan de Maatschappij gedane betalingen. (…)”
Uit het bovenstaande volgt dat gedurende de opbouwfase van het pensioen het door [geïntimeerde] ten behoeve van [appellant] verzekerde kapitaal jaarlijks, en als laatste op de einddatum van de opbouw van het pensioen, moest worden herberekend op basis van de (in beginsel) actuele pensioengrondslag en de actuele tarieven (gebaseerd op een actuele rekenrente). Naar aanleiding van de uitkomst van deze herberekening moesten de hoogte van het verzekerde kapitaal en de daarvoor verschuldigde premie zo nodig worden aangepast. Indien bij een streefregeling zoals hier aan de orde aan deze voorwaarden wordt voldaan, zal het op de pensioendatum beschikbare kapitaal voor een werknemer bij wie het einde van het dienstverband gelijk is aan de pensioendatum in beginsel voldoende zijn om de nagestreefde pensioenuitkeringen te kunnen aankopen. Wanneer het dienstverband eerder eindigt, behoeft dat niet het geval te zijn: in die situatie kan er immers tussen het einde van het dienstverband en de pensioendatum een wijziging van de tarieven van de verzekeraar optreden. Als gevolg van zo een wijziging zal de werknemer in de meeste gevallen op de pensioendatum met het opgebouwde kapitaal een lagere of soms hogere pensioenuitkering kunnen aankopen dan was voorzien.
metinachtneming van de eventueel toepasselijke fiscale minimum rekenrente?
zonderinachtneming van de eventueel toepasselijke fiscale minimum rekenrente?
Welke extra voorzieningen zijn mogelijk om [appellant] in een aan de situatie onder b) en/of d) financieel gelijkwaardige positie te brengen, en welke kosten en/of (fiscale of andere) nadelen zijn daarmee voor partijen gemoeid?
- verwijst de zaak naar de rol van
- bepaalt dat [appellant] hierop bij antwoordmemorie na tussenarrest mag reageren;
- houdt iedere verdere beslissing aan.