ECLI:NL:GHDHA:2024:2379
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- T.A. de Hek
- Chr.Th.P.M. Zandhuis
- L.D.M.A. Reijs
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over het ontbreken van een bron van inkomen uit ICT-activiteiten en boekschrijven
Belanghebbende voerde ICT-activiteiten en het schrijven van een boek als onderneming uit, maar maakte sinds 2006 structureel verlies. De Inspecteur corrigeerde het verlies uit onderneming voor de jaren 2018 en 2019, waardoor het belastbaar inkomen werd verhoogd. De Rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, omdat niet was voldaan aan de voorwaarden voor een bron van inkomen, met name de objectieve verwachting van voordeel.
In hoger beroep stond centraal of de ICT-activiteiten en het boekschrijven een bron van inkomen vormden. Het Hof oordeelde dat ondanks deelname aan het economisch verkeer en het subjectieve oogmerk om voordeel te behalen, de objectieve verwachting van voordeel ontbrak. Dit werd onderbouwd met een reeks negatieve resultaten en het ontbreken van omzet sinds 2019. Ook was niet aannemelijk gemaakt dat het schrijven van het boek daadwerkelijk was gestart of tot publicatie zou leiden.
Het Hof concludeerde dat de activiteiten geen bron van inkomen zijn en dat de verliezen uit deze activiteiten niet in aanmerking kunnen worden genomen bij de inkomstenbelasting. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de Rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen worden bevestigd.