ECLI:NL:GHDHA:2024:2601
Gerechtshof Den Haag
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens overschrijding termijn fijnstoftoeslag motorrijtuigenbelasting
Belanghebbende ontving op 2 februari 2023 een rekening voor de fijnstoftoeslag motorrijtuigenbelasting over de periode 5 februari 2023 tot en met 4 mei 2023. Tegen de uitspraak op bezwaar van 12 april 2023 stelde belanghebbende beroep in bij de Rechtbank, die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens overschrijding van de beroepstermijn. Belanghebbende stelde dat een eerder ingediend beroepschrift van 10 april 2023 mede betrekking had op de bestreden uitspraak, maar de Rechtbank oordeelde dat dit niet het geval was omdat het eerdere beroepschrift een ander tijdvak betrof.
In hoger beroep bij het Gerechtshof werd dit oordeel bevestigd. Het Hof overwoog dat het eerdere beroepschrift niet kon worden aangemerkt als een bijkomende beschikking en dat er geen sprake was van intrekking, wijziging of vervanging van het eerdere besluit. Ook was geen sprake van verschoonbare termijnoverschrijding. Het beroep werd daarom terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Het Hof wees tevens op de toepasselijke wettelijke termijnen en de regels omtrent het indienen van beroepschriften. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak van de Rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn.