Uitspraak
GERECHTSHOF DEN HAAG
Uitspraak van 12 december 2024
[X] B.V., te [Z] , belanghebbende,
de inspecteur van de Belastingdienst, de Inspecteur,
Procesverloop
Feiten
Oordeel van de Rechtbank
Omschrijving geschil en conclusies van partijen
- of belanghebbende een beroep toekomt op de bruto bpm die geldt voor eerder in Nederland ingevoerde soortgelijke referentievoertuigen;
- of de waardevermindering wegens schade naar het juiste bedrag is toegekend; en
- of de historische nieuwprijs op het juiste bedrag is vastgesteld.
- subsidiair tot vaststelling van de (historische) bruto bpm op € 22.087, tot vaststelling van de historische nieuwprijs op € 73.779, tot vaststelling van de handelsinkoopwaarde van de auto op € 18.269, tot vaststelling van de verschuldigde bpm op € 5.340 en tot vermindering van de naheffingsaanslag naar een bedrag van € 4.171;
- meer subsidiair tot vaststelling van de (historische) bruto bpm op € 22.087, tot vaststelling van de historische nieuwprijs op € 59.981, tot vaststelling van de handelsinkoopwaarde van de auto op € 18.269, tot vaststelling van de verschuldigde bpm op € 6.579 en tot vermindering van de naheffingsaanslag naar een bedrag van € 5.410;
- meer subsidiair tot vaststelling van de (historische) bruto bpm op € 32.937, tot vaststelling van de historische nieuwprijs op € 73.779, tot vaststelling van de handelsinkoopwaarde van de auto op € 18.269, tot vaststelling van de verschuldigde bpm op € 7.964 en tot vermindering van de naheffingsaanslag naar een bedrag van € 6.795;
- meer subsidiair tot vaststelling van de (historische) bruto bpm op € 8.492, tot vaststelling van de handelsinkoopwaarde van de auto op € 19.479 en tot vermindering van de naheffingsaanslag naar een bedrag van € 7.323;
- meer subsidiair tot vaststelling van de (historische) bruto bpm op € 32.937, tot vaststelling van de historische nieuwprijs op € 59.891, tot vaststelling van de handelsinkoopwaarde van de auto op € 18.269, tot vaststelling van de verschuldigde bpm op € 9.811 en tot vermindering van de naheffingsaanslag naar een bedrag van € 8.642.
Beoordeling van het hoger beroep
€ 19.479 van het referentievoertuig die volgt uit de koerslijst XRAY (Marge) als zodanig niet in geschil is, maar dat deze dient te worden verhoogd met de niet-afgeschreven component van de extra bpm die het gevolg is van de hogere CO2-uitstoot van de auto. Dat een hogere CO2-uitstoot automatisch tot een hogere handelsinkoopwaarde leidt, acht het Hof niet voor de hand liggend. Belanghebbende heeft er ter zitting op gewezen dat een hogere CO2-uitstoot nadelen heeft, zoals een hogere verzekeringspremie, een hogere fiscale bijtelling en een slechtere concurrentiepositie ten opzichte van vergelijkbare auto’s. Het Hof acht dit aannemelijk. De Inspecteur heeft daartegenover gesteld dat de handelsinkoopwaarde van de auto hoger moet zijn vanwege het verschil in vermogen, gewicht en opties, maar dit niet nader onderbouwd en evenmin toegelicht welk effect dit concreet op de handelsinkoopwaarde zou hebben. Daarbij neemt het Hof in aanmerking dat het in de koerslijst XRAY (Marge) genoemde vermogen van het referentievoertuig van 155 kW hoger is dan het door de RDW vastgestelde vermogen van de auto van 147 kW en dat de koerslijst geen gewicht van het referentievoertuig vermeldt.