ECLI:NL:GHLEE:2012:BW9768
Gerechtshof Leeuwarden
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen aansprakelijkheid bij ski-ongeval tussen broers in sport- en spelsituatie
In deze zaak gaat het om een ski-ongeval waarbij twee broers betrokken waren, samen met een derde persoon. De achterop skiënde broer moest uitwijken voor een jongen die zijn pad kruiste, waarbij hij de voor hem skiër raakte, wat leidde tot een val en letsel. De appellant stelde dat de achterop skiënde broer onzorgvuldig had gehandeld door te dicht achter hem te skiën en de FIS-regels te overtreden.
De rechtbank had vastgesteld dat de afstand tussen de broers ongeveer 1 à 2 meter was en dat de achterop skiënde broer moest uitwijken voor een kind op de piste. De appellant slaagde er niet in dit te bewijzen en werd in eerste aanleg in het ongelijk gesteld. In hoger beroep bevestigde het hof deze beoordeling en benadrukte dat de FIS-regels een nadere uitwerking van de zorgvuldigheidsnorm zijn, maar dat een enkele overtreding daarvan niet automatisch onzorgvuldig handelen inhoudt.
Het hof overwoog dat in een sport- en spelsituatie zoals skiën deelnemers tot op zekere hoogte gevaarlijke of verkeerd getimede handelingen van elkaar moeten verwachten. Gezien de omstandigheden, waaronder de gunstige weersomstandigheden, de ervaring van de skiërs en het feit dat zij samen skieden, was er geen sprake van onzorgvuldig handelen door de achterop skiënde broer. De grieven van appellant werden verworpen en de vonnissen van de rechtbank bekrachtigd.
Uitkomst: De vorderingen van appellant tot aansprakelijkheid zijn afgewezen en de vonnissen van de rechtbank zijn bekrachtigd.