ECLI:NL:GHSGR:2003:AP0121
Gerechtshof 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Walderveen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt dat drijvende steigers deel uitmaken van onroerende zaak in jachthaven
Belanghebbende, gebruiker van een jachthaven met vaste en drijvende steigers, betwistte de WOZ-waardering waarbij de waarde van de drijvende steigers als onroerend werd meegerekend. Hij stelde dat deze steigers roerende zaken zijn en dat de waardepeildatum onjuist was toegepast.
Het Hof stelde vast dat de drijvende steigers duurzaam zijn geplaatst en essentieel voor de jachthaven, waardoor zij als gebouwde eigendommen en dus onroerende zaken moeten worden aangemerkt. Het beroep op een arrest van het Hof van Justitie inzake BTW werd verworpen omdat dit niet relevant is voor de WOZ-waardering.
De waarde van de onroerende zaak werd vastgesteld op basis van de gecorrigeerde vervangingswaarde, zoals onderbouwd in een taxatierapport, en vastgesteld op €185.000. Het beroep werd gegrond verklaard, de eerdere uitspraak vernietigd en de beschikking gewijzigd. De Inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de jachthaven inclusief drijvende steigers wordt vastgesteld op €185.000.