ECLI:NL:GHSHE:2007:BB7875
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Begheyn
- Fikkers
- Riemens
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid bank wegens schending zorgplicht bij aandelenleaseconstructie
Appellanten sloten in 2000 via bemiddeling van Spaar Select een depotovereenkomst en een effectenlease-overeenkomst met Bank Labouchère (rechtsvoorganger van Dexia). De constructie hield in dat een bedrag werd belegd in aandelen, waarvan de opbrengsten dienden ter betaling van maandelijkse leasetermijnen. Appellanten werden onvoldoende geïnformeerd over de grote risico's van deze constructie, waaronder het risico van koersdalingen en het ontstaan van restschulden bij tussentijdse beëindiging.
De rechtbank oordeelde dat de bank onrechtmatig had gehandeld door schending van haar bijzondere zorgplicht en veroordeelde Dexia tot vergoeding van 75% van de restschuld. Het hof bevestigde dat Dexia tekort was geschoten in haar zorgplicht door onvoldoende waarschuwing en onvoldoende onderzoek naar de financiële draagkracht van appellanten. De bank had niet duidelijk en ondubbelzinnig moeten waarschuwen voor de aanzienlijke risico's van de combinatie van producten.
Het hof stelde vast dat appellanten zich bewust waren van het koersrisico, maar dat de extra risico's van de depotconstructie niet voldoende waren toegelicht. Ook werd geoordeeld dat de bank niet aansprakelijk was voor gedragingen van Spaar Select, aangezien deze niet als hulppersoon in de uitvoering van de overeenkomst fungeerde. De Wet op het consumentenkrediet was niet van toepassing op deze aandelenleaseconstructie. Het hof bepaalde dat Dexia 60% van de restschuld moest vergoeden, het koersverlies en bijstortingen volledig moest vergoeden, en dat de financieringskosten van de tweede hypothecaire lening voor rekening van appellanten blijven.
Uitkomst: Dexia is aansprakelijk voor de door appellanten geleden schade wegens schending van haar zorgplicht en moet een groot deel van de restschuld en het depotverlies vergoeden.