Uitspraak
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met het procesdossier van de eerste aanleg, waaronder begrepen de in eerste aanleg gemaakte zittingsaantekeningen, en producties, ingekomen ter griffie op 1 augustus 2016 (de zittingsaantekeningen zijn ter griffie ingekomen op 5 augustus 2016);
- het verweerschrift met producties, ingekomen ter griffie op 12 september 2016;
- een akte tot wijziging van het verzoek van de zijde van Bakkersland, ingekomen ter griffie op 21 september 2016;
- aanvullende producties van de zijde van Bakkersland, ingekomen ter griffie op 30 september 2016;
- ingekomen producties van de zijde van [verweerder] , ingekomen ter griffie op 7 oktober 2016;
3.De beoordeling
“het vermoeden van fraude bij beoordelingen van enkele medewerkers uit uw team in de vorm van valsheid in geschrifte”.
“Wie weet dat jullie idd ooit nog eens functioneringsgesprekken gaan houden: wellicht zou er dan zelfs nog gebruikt kunnen worden gemaakt van de skillmatrix, zoals ik daar lang geleden samen met LDN aan heb gewerkt. Te vinden onder (…)”.Echter, uit het antwoord op die e-mail van de manager van [verweerder] blijkt dat het vooralsnog niet de bedoeling was om de nieuwe skillmatrix te gebruiken, maar wel om functioneringsgesprekken te voeren. Hij heeft op die dag immers teruggemaild:
“Ja daar willen we straks zeker mee aan de slag. Om het nu behapbaar te houden voor iedereen gaan we nog voor het oude format. Ik hoop dat we op korte termijn onze nieuwe HR dame kunnen presenteren en dat we de nieuwe skillmatrix met haar kunnen gaan uitrollen. (…)”.
ten aanzien van de toekenning van een vergoeding. Het hof leidt hieruit af dat het niet gehouden is (ook) lid 8 van artikel 7:671b aanhef en onder a BW toe te passen, althans niet in de situatie (zoals hier), dat de periode waartegen ontbinding door de kantonrechter had kunnen plaatsvinden, reeds is verstreken. Het hof zal de einddatum van de arbeidsovereenkomst bepalen op 1 december 2016.