ECLI:NL:GHSHE:2016:5579
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek omzetting faillissement naar wettelijke schuldsaneringsregeling wegens ontbreken minnelijk traject
In deze civiele zaak heeft de failliete appellant verzocht om omzetting van haar faillissement naar de wettelijke schuldsaneringsregeling natuurlijke personen (WSNP) op grond van artikel 15b Faillissementswet. De rechtbank had dit verzoek afgewezen omdat niet aannemelijk was dat de appellant te goeder trouw was geweest bij het ontstaan van haar schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoek.
De appellant voerde in hoger beroep aan dat veel schulden ontstonden buiten de vijfjaarstermijn en dat zij onder dwang van haar ex-partner handtekeningen had gezet. Tevens stelde zij dat zij haar verplichtingen nakomt en in staat is aan de WSNP te voldoen. De curator had echter niet voldaan aan de vereisten van een minnelijk traject zoals vereist door de Hoge Raad en het hof. Er was slechts contact geweest met één schuldeiser en geen concreet bod aan alle schuldeisers gedaan.
Het hof oordeelde dat het verzoek niet voldeed aan de strenge eisen voor een minnelijk traject, dat de schuldenlijst onvolledig en oncontroleerbaar was, en dat daardoor niet kon worden vastgesteld of de appellant te goeder trouw was geweest. Gezien deze tekortkomingen werd het verzoek afgewezen en het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Persoonlijke omstandigheden en het beroep op de hardheidsclausule werden niet inhoudelijk beoordeeld vanwege het ontbreken van een toewijsbare aanvraag.
Uitkomst: Het verzoek tot omzetting van het faillissement naar de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens het ontbreken van een adequaat minnelijk traject en onvoldoende onderbouwing van schulden.