Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (parketnummer 03/704515-17)
2.Het geding in hoger beroep
- de memorie van grieven (met vier producties);
- de memorie van antwoord.
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak in hoger beroep staat de immateriële schadevergoeding centraal na bewezen seksueel misbruik van een 11-jarig meisje door een vriend van haar vader. De dader had het meisje heimelijk gedrogeerd met temazepam en seksueel misbruikt, wat leidde tot een ongewenste zwangerschap en abortus. De rechtbank kende een lagere schadevergoeding toe dan gevorderd.
Het hof oordeelt dat het seksueel misbruik zeer ernstig en berekenend was, mede door het heimelijk toedienen van het slaapmiddel en het filmen van het meisje tijdens haar slaap. Hoewel het slachtoffer zich het misbruik niet bewust herinnert, was de impact van de zwangerschap en abortus zeer ingrijpend. Het hof verhoogt de immateriële schadevergoeding aan het meisje naar €50.000, waarvan €40.000 extra boven het reeds toegekende bedrag.
Ook de moeder, die aanwezig was bij de echo en haar dochter begeleidde bij de abortus, leed aan PTSS door de confrontatie met de gevolgen van het misbruik. Het hof acht een vergoeding van €15.000 passend, waarvan €12.500 extra boven het eerder toegekende bedrag. Het arrest vernietigt het vonnis voor zover de schadevorderingen werden afgewezen en veroordeelt de dader tot betaling van de verhoogde schadevergoedingen met wettelijke rente.
Uitkomst: Het hof verhoogt de immateriële schadevergoeding aan het slachtoffer tot €50.000 en aan de moeder tot €15.000, en veroordeelt de dader tot betaling van deze bedragen met rente.