Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
2.De vaststaande feiten
3.Het geschil en de beslissing in eerste aanleg
4.De motivering van de beslissing in hoger beroep
5.De slotsom
€714,00
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
TEICS huurde bedrijfsruimte in een outletcentrum met de verplichting uitsluitend kleding van het merk [merknaam 1] te verkopen. Na verkoop van de merknaam door de holding begon TEICS kleding van het merk [merknaam 2] te verkopen, wat in strijd is met de huurovereenkomst.
De verhuurder vorderde ontbinding van de huurovereenkomst wegens deze tekortkoming, onvoldoende omzet en niet-naleving van outletcriteria. TEICS voerde onder meer aan dat de bestemmingsbepalingen vernietigbaar zijn omdat deze het recht op overdracht van de onderneming beperken.
Het hof oordeelt dat het beroep op vernietiging onaanvaardbaar is, mede gezien de redelijkheid en billijkheid en de positie van TEICS als ervaren partij. De schending van de bestemmingsbepalingen is ernstig genoeg voor ontbinding. De boete wordt toegewezen en de reconventionele vorderingen van TEICS worden afgewezen. Het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden wegens ernstige tekortkoming door verkoop van kleding van een ander merk dan overeengekomen.