Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5 Het verloop van de procedure
- het tussenarrest van 28 juni 2022 waarbij het hof een mondelinge behandeling na aanbrengen heeft gelast;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling na aanbrengen van 13 december 2022;
- de memorie van grieven met producties 8 en 9;
- de memorie van antwoord.
- het tussenarrest van 28 juni 2022 waarbij het hof een mondelinge behandeling na aanbrengen heeft gelast;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling na aanbrengen van 13 december 2022;
- de memorie van grieven met producties 33 tot en met 36;
- de memorie van antwoord.
6 De beoordeling
Migraine
2004:Aspecifieke neurologische klachten.
en aanvullend onderzoek geen afwijkingen. Nog veel typische post commotionele en postwhiplash klachten.
tintelende vingers (beide handen);
rechterarm geeft een ‘slapend en tintelend gevoel’;
rond de linkerelleboog ervaart betrokkene zenuwpijn;
krachtsverlies in met name de rechter (dominante) hand;
geheugen- en concentratieproblematiek;
hoofdpijn aan de achterzijde van het hoofd (het voelt alsof zij een ‘te strakke badmuts’ draagt);
nekklachten;
verminderd zicht;
mentaal veel moeite met het feit dat zij heel abrupt tot stilstand is gekomen;
vermoeidheid;
ook te horen heeft gekregen. Omdat een dergelijk aantal uren door geen enkele verzekeringsmaatschappij geaccepteerd zou worden, is gemakshalve uitgegaan van 50 uur per week. (…).”
van achteren aangereden en 2x over de kop. 2 jaar geleden van opzij aangereden en over de kop. Sinds de eerste klap de hoofdpijn, snel moe, slecht situaties overzien. Snel nekpijn. Wat duizelig bij op en neer kijken, zou geen BPPD zijn.”
1.DE SITUATIE MET ONGEVAL
.Conclusie is licht traumatisch hersenletsel LTH bij auto-ongeval zonder bewustzijnsverlies.Ik kan mij vinden in deze conclusie.
1.De situatie met ongeval
3.Overig
Heeft u naar aanleiding van uw bevindingen nog opmerkingen die relevant kunnen zijn voor het verdere verloop van deze zaak?
second opinionsvan neuroloog [persoon L] (productie 34 bij memorie van grieven van Allianz) en neuropsycholoog [persoon M] (productie 35 bij memorie van grieven van Allianz). Het hof volgt Univé en Allianz niet in hun betoog. De redenen daarvoor zijn de volgende.
second opinions. [persoon L] en [persoon M] hebben dus geen eigen vaststellingen kunnen doen over de gezondheidsklachten van [geïntimeerde] en de oorzaak daarvan. [persoon G] , [persoon H] en de hiervoor aangehaalde behandelaars hebben [geïntimeerde] wel gezien en onderzocht. Om die reden komt aan de observaties en bevindingen van [persoon L] en [persoon M] beperktere betekenis toe dan aan die van [persoon G] , [persoon H] en de behandelaars van [geïntimeerde] .
second opinionvan [persoon M] heeft geen betrekking op het rapport van [persoon G] zodat het in dat verband geen bespreking behoeft, waaraan niet afdoet dat het door [persoon M] in de inleiding van haar rapport wordt genoemd. Ten overvloede merkt het hof op dat het in 6.15 geschetste kader en de genoemde rechtspraak niet met zich brengen dat het hof gehouden zou zijn de van [persoon G] afwijkende conclusie van [persoon L] te volgen.
“Beleid”vermelde “NPO voor objectivering van eventuele cognitieve stoornissen (…)”.
second opinionvan [persoon L] op een onjuiste lezing van het rapport van [persoon G] . Zoals hiervoor al is overwogen, begrijpt het hof de rapportage van [persoon G] zo, dat deze zich schaart achter de conclusie die door de behandelaars van [geïntimeerde] is getrokken, namelijk dat na het eerste ongeval sprake was van licht-traumatisch hersenletsel en dat [geïntimeerde] als gevolg daarvan post-whiplashklachten ondervindt.