Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer 9569040 / CV EXPL 21-5707)
2.Het geding in hoger beroep
- de dagvaarding in hoger beroep;
- de memorie in het incident van Volkswagen AG met productie 6-12;
- de antwoordmemorie in het incident van VGDES met productie 26;
- de mondelinge behandeling op 23 mei 2024, waarbij namens Volkswagen AG en VGDES spreekaantekeningen zijn overgelegd en voorgedragen.
3.Kern van de zaak
4.De feiten in het incident
5.De stand van zaken in de andere procedures
In die zaken komt VGDES op voor het belang van de vier cedenten. In alle vier de zaken vordert zij een verklaring voor recht dat Volkswagen AG onrechtmatig heeft gehandeld jegens de betreffende cedent en vordert zij veroordeling van Volkswagen AG tot betaling van schadevergoeding; een bedrag gelijk te stellen aan het bedrag dat de cedent indertijd heeft betaald voor de auto verminderd met de dagwaarde en vermeerderd met nog enkele bijkomende posten (zoals een verhoogd benzineverbruik). In één van die zaken (de zaak met als cedent [persoon B] ) heeft VGDES haar schadevordering in de eerste plaats nog gebaseerd op schadevergoeding in natura (in de vorm van terugkoop van de auto door Volkswagen AG). In alle vier de zaken heeft VGDES haar vorderingen gebaseerd op (min of meer) dezelfde standpunten. Het gaat om de volgende zaken: