Uitspraak
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- het beroepschrift met productie 1, ingekomen ter griffie op 15 augustus 2023;
- het procesdossier in eerste aanleg, ingekomen ter griffie op 4 september 2023;
- het verweerschrift, ingekomen ter griffie op 4 oktober 2023;
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg, ingekomen ter griffie op 17 oktober 2023;
3.De beoordeling
Het hof stelt voorop dat als grieven worden aangemerkt alle gronden die worden aangevoerd om te betogen dat de bestreden uitspraak behoort te worden vernietigd, waarbij de eis geldt dat die gronden behoorlijk in het geding naar voren zijn gebracht, zodat zij voor de rechter en de wederpartij voldoende kenbaar zijn.
Het hof leest in het beroepschrift voldoende voor het hof en de Staat kenbare gronden die als grieven kunnen worden aangemerkt tegen de beslissing in eerste aanleg, zoals bijvoorbeeld de standpunten van [appellante] gericht tegen de overwegingen van de kantonrechter met betrekking tot het disfunctioneren (de d-grond) en de ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Nu ook de Staat in haar verweer op elk van die standpunten van [appellante] heeft gereageerd, gaat het hof ervan uit dat ook de Staat dit als grieven heeft begrepen, althans heeft moeten begrijpen. Het hof is dan ook van oordeel dat [appellante] ontvankelijk is in het door haar ingestelde beroep.