ECLI:NL:HR:1981:AG4240
Hoge Raad
- Cassatie
- Ras
- Drion
- Royer
- Martens
- de Groot
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid waterschap voor schade door wateroverlast als gevolg van onvoldoende slootonderhoud
Verweerder, pachter van een perceel bouwland, vordert schadevergoeding van het Waterschap wegens het onder water lopen van zijn land en het daardoor verloren gaan van zijn aardappeloogst in 1972. Het Waterschap was belast met het beheer en onderhoud van een afvoersloot langs het perceel, die door plantengroei verstopt was geraakt. De Rechtbank stelde het Waterschap aansprakelijk, tenzij het bewijs leverde dat de schade ook bij juiste onderhoud zou zijn ontstaan of dat sprake was van abnormale regenval.
Het Gerechtshof bekrachtigde dit oordeel en wees het Waterschap aan als aansprakelijke partij, waarbij het systeem van onderhoud en de bijzondere ligging van het perceel een rol speelden. Het Waterschap stelde in cassatie dat het Hof niet voldoende rekening had gehouden met de omvang van zijn onderhoudsplicht, de omstandigheden van het perceel en de mate van abnormale regenval.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof ten onrechte een te vergaande waarborgplicht aan het Waterschap heeft toegekend zonder wettelijke grondslag en onvoldoende motivering. De omvang van de onderhoudsplicht hangt af van factoren zoals het aantal en de aard van waterwegen, kwetsbaarheid van gronden, beschikbare middelen en eigen schuld van de grondgebruiker. De zaak wordt vernietigd en verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor een nieuwe beoordeling met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt eerdere arresten en verwijst de zaak terug voor nieuwe beoordeling van de aansprakelijkheid van het Waterschap.