ECLI:NL:HR:1995:AA1601
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- C.H.M. Jansen
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt termijn voor oplegging aanslag vennootschapsbelasting 1983
X B.V. stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof Arnhem, waarin het hof de aanslag vennootschapsbelasting over 1983 aan de Stichting A te Z bevestigde. De kern van het geschil betrof de vraag of de aanslag binnen de wettelijke termijn was opgelegd. Volgens artikel 11 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen moest de aanslag uiterlijk op 31 juli 1987 zijn vastgesteld. Hoewel het aanslagbiljet deze datum droeg, stelde X B.V. dat het biljet pas op 5 augustus 1987 was ontvangen, waardoor de aanslag te laat zou zijn opgelegd.
Het hof oordeelde dat de dagtekening van het aanslagbiljet bepalend is, tenzij aannemelijk wordt gemaakt dat het biljet pas na die datum ter post is bezorgd. Het hof achtte aannemelijk dat het biljet uiterlijk op 31 juli 1987 was verzonden, mede gelet op de postbezorgpraktijken in Z in 1987. Hierdoor was de aanslag tijdig opgelegd. De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verwierp het cassatieberoep.
De Hoge Raad vond geen gronden voor een proceskostenveroordeling en verklaarde het beroep ongegrond. Dit arrest bevestigt de uitleg van de termijn voor oplegging van aanslagen en het belang van de dagtekening van het aanslagbiljet als bewijs daarvan.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de aanslag vennootschapsbelasting 1983 tijdig was opgelegd.