ECLI:NL:HR:1995:AA3099
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Wildeboer
- Zuurmond
- Herrmann
- Fleers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt aanslag zuiveringsheffing provincie Utrecht 1987
X B.V. werd voor het jaar 1987 een aanslag in de zuiveringsheffing van de Provincie Utrecht opgelegd ter hoogte van ƒ 39.903,70. Na bezwaar werd deze aanslag gehandhaafd door Gedeputeerde Staten. X B.V. ging in beroep bij het Hof Amsterdam, dat de uitspraak van Gedeputeerde Staten bevestigde.
Vervolgens stelde X B.V. beroep in cassatie in bij de Hoge Raad. De kern van het geschil betrof de uitleg van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren en de Verordening zuiveringsheffing provincie Utrecht 1986, met name de vraag of de kosten van beheer en exploitatie van waterzuiveringswerken tot de heffingskosten behoren en of de provinciale wetgever bevoegd was om de heffingsmaatstaf te baseren op het begrip inwoner-equivalent zoals vastgesteld voor rijksheffingen.
De Hoge Raad oordeelde dat de Wet geen uitsluiting van beheerskosten bevat en dat de provinciale wetgever niet onrechtmatig heeft gedelegeerd door aan te sluiten bij het begrip inwoner-equivalent van de rijksheffing. Ook de ongelijke behandeling van gebruikers van woonruimten en bedrijfsruimten in de heffing voor zware metalen werd niet onredelijk bevonden, mede gelet op doelmatigheid en het stimulerende effect van de heffing voor bedrijfsruimten.
De overige middelen faalden en de Hoge Raad wees het beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Hiermee bleef de aanslag van de provincie Utrecht ongewijzigd in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de aanslag zuiveringsheffing 1987 van de provincie Utrecht.