ECLI:NL:HR:1996:AA2045
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- Van der Linde
- Bellaart
- De Moor
- Van der Putt-Lauwers
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid bezwaar omzetbelasting speelautomaten
X B.V. heeft over de periode 1 januari 1990 tot en met 31 december 1993 omzetbelasting betaald over de exploitatie van gelduitkerende speelautomaten. Zij heeft bezwaar gemaakt tegen een deel van deze belasting, maar werd door de Inspecteur niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaarperiode. Het Gerechtshof bevestigde deze beslissing.
In cassatie betoogde X B.V. dat de nationale omzetbelastingregeling niet in overeenstemming was met Europese richtlijnen, waardoor zij ontvankelijk had moeten worden verklaard. De Hoge Raad oordeelde dat de nationale omzetbelastingwetgeving de Europese richtlijn correct omzet en dat een resolutie van de Staatssecretaris geen implementatie van een richtlijnbepaling vormt.
De Hoge Raad verwierp ook het argument dat bij verkeerde toepassing van een richtlijn de nationale beroepstermijnen niet tegen de belastingplichtige kunnen worden ingeroepen. Er waren geen gronden voor proceskostenveroordeling. Het beroep werd verworpen en de niet-ontvankelijkverklaring bleef in stand.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar van X B.V.