ECLI:NL:HR:1999:AA2691
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- raadsheer Fleers
- raadsheer Pos
- raadsheer Beukenhorst
- raadsheer Monné
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep in cassatie tegen belastingaanslag 1992
De Staatssecretaris van Financiën had beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam betreffende de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen voor het jaar 1992 opgelegd aan belanghebbende X te Z.
De Hoge Raad beoordeelde de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie. Uit de processtukken bleek dat het beroepschrift niet binnen de wettelijke termijn van zes weken na verzending van de hofuitspraak was ingediend. De Staatssecretaris had in een brief aan het hof weliswaar melding gemaakt van de indiening, maar dit bood onvoldoende grond om het verzuim te rechtvaardigen.
Daarom werd het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaard. Tevens werd de Staatssecretaris veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van belanghebbende, vastgesteld op f 2.130,-- voor beroepsmatig verleende rechtsbijstand.
Het arrest werd op 3 maart 1999 door de Hoge Raad vastgesteld en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van de Staatssecretaris van Financiën is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de termijn.