ECLI:NL:HR:1999:AA2733
Hoge Raad
- Cassatie
- vice-president Stoffer
- Zuurmond
- Fleers
- Pos
- Beukenhorst
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag vermogensbelasting op basis van spaarbiljetten uitgegeven door CDK
Belanghebbende werd aanvankelijk aangeslagen voor vermogensbelasting over een vermogen van f 573.000, waarna een navorderingsaanslag werd opgelegd op basis van een vermogen van f 936.000. Deze navorderingsaanslag werd door het hof gehandhaafd, waarbij het oordeel was dat de waarde van door CDK uitgegeven spaarbiljetten, die in werkelijkheid toonderpapieren met disagio zijn, in het vermogen moest worden betrokken.
Belanghebbende stelde in cassatie dat het hof onvoldoende had gemotiveerd dat CDK wist dat rente vrijwel direct na uitgifte aan A B.V. moest worden betaald en dat de bewijslast onjuist was verdeeld. De Hoge Raad oordeelde dat het hof het oordeel toereikend had gemotiveerd en de bewijslast correct had verdeeld, waarbij belanghebbende diende te bewijzen dat in haar geval geen sprake was van de veronderstelde rechtsverhouding en verzilvering.
Verder werd het beroep op de meerderheidsregel afgewezen omdat deze alleen geldt binnen het bevoegdheidsgebied van de betrokken eenheid van de Belastingdienst. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde eveneens omdat niet was gesteld of gebleken dat bezitters van vergelijkbare biljetten buiten de heffing werden gehouden.
De Hoge Raad wees het cassatieberoep af en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de navorderingsaanslag vermogensbelasting wordt gehandhaafd.