ECLI:NL:HR:2001:AB0630
Hoge Raad
- Cassatie
- R.J.J. Jansen
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt voorwaarden fiscale eenheid en wijzigt beschikking Inspecteur
De zaak betreft een geschil over de voorwaarden die de Inspecteur heeft gesteld bij de totstandkoming van een fiscale eenheid volgens artikel 15 van Pro de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. Belanghebbende maakte bezwaar tegen de beschikking waarin deze voorwaarden waren opgenomen. Het Hof verklaarde het beroep gedeeltelijk gegrond en vernietigde de bestreden uitspraak deels.
Zowel belanghebbende als de Staatssecretaris gingen in cassatie tegen het arrest van het Hof. De Advocaat-Generaal concludeerde tot vernietiging van de uitspraak van het Hof en wijziging van de beschikking van de Inspecteur. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof ten onrechte heeft geoordeeld dat verliezen geleden door de dochtermaatschappij tijdens het bestaan van de fiscale eenheid niet voor verrekening in aanmerking komen. Tevens werd vastgesteld dat voorwaarde 17 de essentie van de fiscale eenheid aantast en daarom onverbindend is.
De Hoge Raad stelde dat de bestuursrechter in belastingzaken bij het toetsen van voorwaarden aan de wettelijke regeling en algemene rechtsbeginselen moet toetsen en niet aan een afwijkend toetsingskader. De Hoge Raad vernietigde het arrest van het Hof en de uitspraak van de Inspecteur, wijzigde de beschikking door toevoeging van tekst aan voorwaarden 14 en 15a en verviel voorwaarde 17. De Staatssecretaris werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het Hof, wijzigt de beschikking van de Inspecteur door toevoegingen aan voorwaarden 14 en 15a en vervalt voorwaarde 17.