ECLI:NL:HR:2001:AB2743
Hoge Raad
- Cassatie
- P. Neleman
- R. Herrmann
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Afwijzing faillissementsverzoek wegens ontbreken betalingsonmacht
Verzoekster heeft bij de rechtbank een verzoek tot faillietverklaring van verweerder ingediend wegens een onbetaalde vordering van ƒ124.155,19. De rechtbank wees het verzoek af, waarna verzoekster hoger beroep instelde bij het gerechtshof. Het hof bevestigde de afwijzing omdat verweerder naast de erkende schuld aan verzoekster zijn hypotheekschulden tijdig betaalde en geen betalingsonmacht aannemelijk was.
Verzoekster stelde in cassatie dat het hof ten onrechte het faillissement niet had uitgesproken, mede gelet op de pluraliteit van schuldeisers. De Hoge Raad oordeelt dat het bestaan van meerdere schuldeisers een noodzakelijke maar niet voldoende voorwaarde is voor faillietverklaring; er moet ook sprake zijn van het feitelijk opgehouden zijn met betalen.
Het hof heeft dit onderzocht en geoordeeld dat daarvan geen sprake was. Dit oordeel is feitelijk en kan in cassatie niet worden getoetst op juistheid. Klachten over het niet meenemen van bepaalde omstandigheden falen omdat deze niet door verzoekster in feitelijke aanleg zijn ingebracht. De Hoge Raad verwerpt het beroep en bevestigt daarmee de afwijzing van het faillissementsverzoek.
Uitkomst: Het faillissementsverzoek wordt afgewezen omdat niet is komen vast te staan dat verweerder is opgehouden te betalen.