ECLI:NL:HR:2001:AD5319
Hoge Raad
- Cassatie
- G.G. van Erp Taalman Kip-Nieuwenkamp
- J.B. Fleers
- H.A.M. Aaftink
- A.G. Pos
- P.C. Kop
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat vaststellingsovereenkomst geen collectieve arbeidsovereenkomst is
In deze zaak vordert de werknemer een verklaring voor recht dat zijn salaris op basis van de CAO op de ingangsdatum van zijn WAO-uitkering hoger had moeten zijn en eist hij betaling van achterstallig loon. De werkgever verweert zich met een beroep op een vaststellingsovereenkomst die zij met de vakbond FNV heeft gesloten, waarin afspraken zijn gemaakt die afwijken van de CAO.
De Kantonrechter wijst de vorderingen grotendeels af, maar de Rechtbank vernietigt dit vonnis en wijst de vorderingen toe. De Rechtbank oordeelt dat de vaststellingsovereenkomst niet als een collectieve arbeidsovereenkomst kan worden aangemerkt, mede omdat niet is voldaan aan de kennisgevingsvereisten uit de Wet op de loonvorming.
De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatieberoep van de werkgever af. Tevens oordeelt de Hoge Raad dat de werknemer niet gebonden is aan de vaststellingsovereenkomst, omdat de vakbond hem niet rechtsgeldig heeft kunnen vertegenwoordigen. De Hoge Raad veroordeelt de werkgever tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde dat de werknemer niet gebonden is aan de vaststellingsovereenkomst.