ECLI:NL:HR:2002:AE0475
Hoge Raad
- Cassatie
- G.J. Zuurmond
- F.W.G.M. van Brunschot
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over vennootschapsbelasting onttrekking en verwijst terug
Belanghebbende kreeg voor het jaar 1995 een aanslag vennootschapsbelasting opgelegd over een belastbaar bedrag van f 833.291, welke aanslag na bezwaar door de inspecteur werd gehandhaafd. Belanghebbende ging in beroep bij het hof, dat het beroep ongegrond verklaarde. Tegen dit arrest stelde belanghebbende cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof ten onrechte heeft aangenomen dat belanghebbende en A N.V. zich bewust waren van verkoop tegen een te lage prijs zonder voldoende onderzoek naar de waarde van overgenomen schulden en claims. Deze waardedrukkende factoren hadden meegewogen moeten worden bij de beoordeling van een eventuele onttrekking.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de onttrekking in 1995 belast mocht worden, omdat de economische eigendom pas vanaf 2 januari 1995 overging. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van dit arrest.
De Hoge Raad veroordeelt de Staat tot vergoeding van het griffierecht en de proceskosten van belanghebbende in cassatie. De kosten voor het geding bij het hof worden aan het verwijzingshof overgelaten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het hof vernietigd en de zaak verwezen voor verdere behandeling.