ECLI:NL:HR:2003:AF1965
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- G.J.M. Corstens
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt ontnemingsvordering wegens onjuiste toepassing gedoogbeleid softdrugs
De Hoge Raad behandelde een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch waarin de betrokkene werd veroordeeld tot betaling van wederrechtelijk verkregen voordeel uit de handel in softdrugs. Het hof had het voordeel uit de kleinhandel in softdrugs via een coffeeshop buiten beschouwing gelaten, omdat dit volgens het gedoogbeleid niet als wederrechtelijk werd aangemerkt.
De Hoge Raad oordeelde dat het uitgangspunt van het hof dat voordeel uit verkoop binnen de AHOJ-G-criteria niet wederrechtelijk is, op zich juist is. Echter, indien de betrokkene ook buiten deze grenzen handelt of deelneemt aan een criminele organisatie, geldt dat al het voordeel uit die handel als wederrechtelijk moet worden beschouwd.
Omdat de betrokkene deelnam aan een organisatie die grote hoeveelheden hashish buiten Nederland verhandelde en daarmee de grenzen van het gedoogbeleid overschreed, had het hof niet mogen volstaan met het isoleren van de verkoop binnen de coffeeshop. De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug naar het gerechtshof voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug voor hernieuwde berechting vanwege onjuiste toepassing van het gedoogbeleid bij ontneming.