ECLI:NL:HR:2003:AL8452
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- A.J.A. van Dorst
- W.A.M. van Schendel
- J. de Hullu
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt strafbaarstelling ongewenste seksuele telefonische uitlatingen
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem waarin verdachte werd veroordeeld voor schennis van de eerbaarheid op een niet openbare plaats door het toevoegen van seksuele woorden via de telefoon aan het slachtoffer, ondanks diens tegenwoordigheid.
Het hof kwalificeerde deze gedraging als schennis van de eerbaarheid op grond van art. 239 Sr Pro, derde lid. De verdediging stelde dat dit artikel niet van toepassing is op telefonische uitlatingen en dat het artikel ziet op exhibitionistische handelingen, niet op gesproken woorden.
De Hoge Raad oordeelt dat art. 239 Sr Pro niet is bedoeld ter bestrijding van schennis van de eerbaarheid door gesproken woord, maar uitsluitend voor zichtbare handelingen. De strafbaarstelling van dergelijke telefonische uitlatingen ontbreekt in de wet. Daarom vernietigt de Hoge Raad de strafbaarverklaring en ontslaat verdachte van rechtsvervolging voor dit feit.
De overige veroordelingen, waaronder eenvoudige belediging en bedreiging met verkrachting, blijven gehandhaafd. De Hoge Raad legt zelf een taakstraf van 40 uur op, met vervangende hechtenis, voor deze feiten.
De uitspraak benadrukt de beperkte reikwijdte van art. 239 Sr Pro en bevestigt dat ongewenste seksuele uitlatingen via de telefoon niet onder dit artikel vallen, wat gevolgen heeft voor de strafrechtelijke aanpak van dergelijke gedragingen.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de strafbaarverklaring van ongewenste seksuele telefonische uitlatingen en ontslaat verdachte van rechtsvervolging voor dit feit, terwijl overige veroordelingen gehandhaafd blijven.