ECLI:NL:HR:2004:AH9789
Hoge Raad
- Cassatie
- A.E.M. van der Putt-Lauwers
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- J.W. van den Berge
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest Hof over omzetbelasting bij aandelenoverdracht binnen fiscale eenheid
Belanghebbende, een fiscale eenheid bestaande uit X B.V. en haar dochtervennootschappen, kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over de periode 1996-1997. Deze aanslag betrof de aftrek van omzetbelasting op diensten die waren verricht in verband met de overdracht van aandelen in dochtervennootschappen aan derden binnen de Europese Gemeenschap.
De Inspecteur stelde dat de omzetbelasting op deze diensten niet aftrekbaar was omdat de overdracht van aandelen een vrijgestelde prestatie betrof op grond van artikel 15, lid 2, van de Wet op de omzetbelasting 1968. Het Hof Arnhem bevestigde dit standpunt en wees het beroep van belanghebbende af.
De Hoge Raad oordeelt dat de verkoop en overdracht van aandelen in principe geen economische activiteit vormen in de zin van de Zesde richtlijn en dus niet vallen onder de vrijstelling van artikel 15, lid 2. Echter, indien de aandelen worden overgedragen binnen een fiscale eenheid die als één ondernemer wordt beschouwd, vindt de verkoop plaats binnen het kader van de onderneming, waardoor recht op aftrek van omzetbelasting op de daaraan verbonden diensten bestaat.
De Hoge Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling. Tevens veroordeelt de Hoge Raad de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het Hof vernietigd en de zaak verwezen naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch.