ECLI:NL:HR:2004:AN9861
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- G.J.M. Corstens
- J.W. Ilsink
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor voorraad hebben van valse bankbiljetten met oogmerk tot uitgifte
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch, waarin verdachte werd veroordeeld voor het in voorraad hebben van valse bankbiljetten met het oogmerk deze als echt en onvervalst uit te geven of te doen uitgeven. Het hof had de verdachte veroordeeld tot achttien maanden gevangenisstraf en verbeurdverklaring.
In cassatie heeft de Hoge Raad het beroep van verdachte beoordeeld en geconcludeerd dat de middelen niet tot cassatie kunnen leiden. Er was geen noodzaak tot nadere motivering, aangezien de aangevoerde middelen geen rechtsvragen opriepen die van belang zijn voor de rechtseenheid of rechtsontwikkeling.
De Hoge Raad oordeelde dat er geen gronden waren om het bestreden arrest ambtshalve te vernietigen en heeft het beroep verworpen. Hiermee blijft de veroordeling van de verdachte onverminderd in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot achttien maanden gevangenisstraf blijft in stand.