2.2De bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen (met weglating van verwijzingen):
“
Ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3
1. Een proces-verbaal van bevindingen (…) van 20 februari 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaren [verbalisant 1], inspecteur van de politie Eenheid Amsterdam, en [verbalisant 2], inspecteur van de politie Eenheid Amsterdam (niet genummerd).
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als
mededeling van verbalisanten (of een van hen):
Op 19 februari 2020 bevonden wij ons op de Jan van Galenstraat te Amsterdam. Omdat hij (het hof begrijpt: de verdachte) mij niet op de eerste vordering een identiteitsbewijs kon overhandigen heb ik hem onderworpen aan een identiteitsfouillering. Ik heb hierop het schoudertasje geopend en mijn hand er in gestoken. Ik trof in dit tasje een zwarte sok aan en voelde direct, toen ik mijn hand om deze sok vast had, dat in deze sok iets zat en voelde dat dit ‘knisperde’ en voelde dat er meerdere voorwerpen in deze sok zaten. Het is mij ambtshalve bekend dat drugsdealers vaak in een sok verdovende middelen bewaren. Ik kreeg hierop een sterk vermoeden dat er in deze sok verdovende middelen zaten. Op dat moment zag ik dat verdachte met zijn rechter hand deze sok ook vast pakte en vast bleef houden. Ik hoorde dat hij zei: ‘Nee, wil je mijn legitimatiebewijs, die heb ik niet’. Ik heb hem verteld dat hij de sok diende los te laten en heb hem gezegd dat ik het vermoeden had dat er verdovende middelen in de sok zaten. Ik hoorde dat hij zei: ‘Dit is niet van mij, doei’. Wij zagen dat wij direct nadat hij dit had gezegd hard weg rende richting de Hoofdweg.
Ik, [verbalisant 1], rende direct achter hem aan en kon de rugtas van de man beet pakken en hem zo tegenhouden. Ik zag dat de verdachte zich naar mij omdraaide en een agressieve houding aannam. Ik had de verdachte nog steeds vast aan zijn tas en kreeg de indruk dat hij het fysieke gevecht met mij aan wilde gaan. Ik heb hierop mijn pepperspray gepakt en gedreigd dit te zullen gebruiken als hij niet zou blijven staan. Ik zag dat de verdachte zich probeerde los te rukken. Hierop heb ik de man losgelaten en pepperspray in de ogen van de verdachte gespoten. Ik zag dat de verdachte hier niet direct op reageerde. Ik pakte hierop de verdachte wederom vast om hem aan te houden, maar vervolgens kwamen wij samen ten val.
Na enkele seconden kwam ik, [verbalisant 2], ook bij [verbalisant 1] en de verdachte en ik zag dat verdachte op dat moment gehurkt op de grond zat en wilde opstaan om weer weg te rennen. Ik heb hem hierop direct met mijn rechter arm om zijn nek en hoofd en een klem beetgepakt en heb hem hiermee op de grond gefixeerd. Ik heb verdachte meermalen op luide toon verteld dat hij diende mee te werken en dat als hij dat niet deed, wij geweld zouden moeten blijven gebruiken. Ik voelde dat verdachte erg veel weerstand bleef bieden en telkens wilde opstaan en uit mijn greep wilde komen. Ik, [verbalisant 1], zag dat verdachte weerstand bleef bieden en ook uit de fixatie op de grond dreigde te komen van [verbalisant 2].
Toen verdachte werd opgetild van de grond om hem naar de dienstauto te brengen troffen wij onder zijn lichaam een wikkel (‘ponypack’) aan, welke inbeslaggenomen is. In de aangetroffen sok, trof ik meerdere soorten vermoedelijk verdovende middelen aan welke in beslag zijn genomen.
- 16 ponypacks met wit poeder;
- 12 X gele pil.
Bij de fouillering in het cellencomplex werd tevens een vals briefje van 20 euro aangetroffen.
Verdachte : NN PL 1300 M 200219 2242
2. Een proces-verbaal van verhoor verdachte (…) in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3] van 20 februari 2020 (niet genummerd).
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Naam : NN PL 1300 M 200219 2242
V: Wat is uw voor- en achternaam?
A: [verdachte] .
V: Wat is uw geboortedatum en plaats?
A: [geboortedatum] 1981 [geboorteplaats].
3. Een geschrift, zijnde een kennisgeving van inbeslagneming (…) opgemaakt door [verbalisant 1] van 19 februari 2020 (niet genummerd).
Dit geschrift houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Beslagene
Naam : NN PL 1300 M 200219 2242
Goednummer : 5885875
Bijzonderheden : 16 x envelop met wit poeder
Goednummer : 5885880
Bijzonderheden : 12 x gele pil
Goednummer : PL1300-2020037418-5885885
Object : vals geld
Aantal : 1 stuk
Totale hoeveelheid : 20 EUR
4. Een rapport (…) van Dienst Regionale Recherche Laboratorium Forensische Opsporing van de Politie Amsterdam van 27 maart 2020, opgemaakt door [verbalisant 4] (niet genummerd).
Dit rapport houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven:
Item Omschrijving Bevat
5885875 2 plastic zakjes met subitems A tot en met G
B 1 klein papiertje met 0,48 g wit poeder en brokjes cocaïne
C 1 klein papiertje met 0,07 g vuilwit poeder en brokjes cocaïne
D 1 papiertje met 1,01 g wit poeder en brokjes cocaïne
E 2 kleine papiertjes met 0,52 g bruine kristallen MDMA
F 2 papiertjes met 0,92 g wit poeder en brokjes cocaïne
5885880 2 plastic zakjes met 12 gele tabletten MDMA
5. Een proces-verbaal van bevindingen (…) van 20 februari 2020, in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 5] (niet genummerd).
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven,
als mededeling van verbalisant:
Onder [verdachte] werd een biljet van 20 euro aangetroffen. Ik zag dat het biljet aan geen van de echtheidskenmerken voldeed. In het biljet zit geen watermerk, geen hologram, geen voelbare inkt en geen glanzende band. Tevens voelt het biljet aan als papier, niet als een bankbiljet. Op het biljet staat in de linkeronderhoek in de blauwe kleur het woord ‘copy’ gedrukt.
Goed(eren) : PL1300-2020037418-5885885, geld, vals geld (Biljetten), 1 stuks, totaal 20 EUR.
6. Een proces-verbaal van verhoor verdachte (…) in de wettelijke vorm opgemaakt door de bevoegde opsporingsambtenaar [verbalisant 3] van 20 februari 2020 (niet genummerd).
Dit proces-verbaal houdt in, voor zover van belang en zakelijk weergegeven, als de op 20 februari 2020 tegenover verbalisant afgelegde verklaring van verdachte:
Ik ben gaan rennen, hij heeft mij opgepakt, gearresteerd.