ECLI:NL:HR:2004:AQ3055
Hoge Raad
- Cassatie
- R. Herrmann
- J.B. Fleers
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- Rechtspraak.nl
Geen vestiging stil pandrecht door notariële akte van depot van onderhandse pandakte
In deze cassatieprocedure stond centraal de vraag of aan de wettelijke eis van registratie van een onderhandse akte van verpanding van vorderingen op naam is voldaan wanneer de akte bij een notaris wordt gedeponeerd en de notaris daarvan een akte opmaakt. De curator in het faillissement van Bouwpartners Projectdetachering B.V. had betwist dat er een pandrecht ten gunste van eiseres was gevestigd op de vorderingen van Bouwpartners.
Het hof had geoordeeld dat geen pandrecht was gevestigd en verklaarde dit voor recht. Eiseres stelde in cassatie dat de eis van registratie slechts bedoeld is om de datum van verpanding vast te leggen en dat dit ook kan worden bereikt door een notariële akte van depot van de onderhandse pandakte.
De Hoge Raad verwierp dit standpunt. De eis van registratie is volgens de Hoge Raad mede bedoeld als psychologische rem om het opmaken van valse akten te voorkomen, door directe aanbieding van de akte aan de inspectie der registratie te vereisen. Het opmaken van een notariële akte van depot voldoet hier niet aan. Het arrest van 14 oktober 1994, waarop eiseres zich beroept, ondersteunt dit niet.
De Hoge Raad concludeerde dat het belang van de aanbieder om zelf het tijdstip van vestiging te bepalen voldoende wordt gediend door de registratie bij de belastingdienst of de verklaring van de notaris in een authentieke akte. Het beroep werd verworpen en eiseres werd veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt verworpen; er is geen pandrecht gevestigd door notariële akte van depot van de onderhandse pandakte.