ECLI:NL:HR:2004:AR2391
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- D.H. Beukenhorst
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- J.C. van Oven
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt afwijzing schadevergoeding wegens vermeend onrechtmatig rechterlijk handelen
Eiser, een voormalig kapitein van de Koninklijke Luchtmacht, vorderde van de Staat een verklaring voor recht en schadevergoeding wegens vermeend onrechtmatig en partijdig handelen van de rechtbank bij de behandeling van zijn bestuursrechtelijke zaak. Hij stelde dat de rechtbank zich niet aan haar rechtsplicht had gehouden en stukken willens en wetens had genegeerd, wat tot schade had geleid.
De rechtbank wees de vorderingen af, en het gerechtshof bekrachtigde dit vonnis. Eiser stelde vervolgens beroep in cassatie bij de Hoge Raad. De Hoge Raad oordeelde dat klachten over het handelen van rechters, zoals het niet in acht nemen van stukken of vermeende partijdigheid, niet via een civiele onrechtmatige daadprocedure tegen de Staat kunnen worden behandeld als er een rechtsmiddel openstond tegen de rechterlijke uitspraak.
De Hoge Raad benadrukte dat rechters vrij zijn om stukken niet te betrekken indien zij de goede procesorde dit voorschrijft en dat dergelijke klachten uitsluitend via de daarvoor bestemde rechtsmiddelen kunnen worden aangevochten. Het beroep van eiser werd verworpen en hij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de Staat niet aansprakelijk is voor vermeend onrechtmatig rechterlijk handelen.