ECLI:NL:HR:2005:AU5444
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.W. Ilsink
- W.M.E. Thomassen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeverdachte sluit bewezenverklaring openlijke geweldpleging niet uit
De verdachte werd door het Hof veroordeeld voor openlijke geweldpleging in vereniging tegen een slachtoffer op de openbare weg in Zoutelande. De medeverdachte, de vader van de verdachte, werd in een aparte procedure vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van bewuste samenwerking.
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen zijn veroordeling, stellende dat de vrijspraak van de medeverdachte de bewezenverklaring jegens hem uitsloot. De Hoge Raad oordeelde dat het Hof het bewijsmateriaal anders heeft gewaardeerd dan de rechter die de medeverdachte vrijsprak, en dat deze waardering voorbehouden is aan de feitenrechter en gerespecteerd moet worden in cassatie.
Daarnaast constateerde de Hoge Raad een overschrijding van de redelijke termijn, maar zag geen aanleiding om hieraan rechtsgevolgen te verbinden gezien de aard van de opgelegde straf. Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling van de verdachte bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor openlijke geweldpleging in vereniging blijft in stand.