ECLI:NL:HR:2006:AU7492
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- E.J. Numann
- W.A.M. van Schendel
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige overheidsdaad bij verkoop verontreinigd perceel industriegrond
In deze zaak vordert Plameco vergoeding van schade wegens bodemverontreiniging van een perceel industriegrond, dat zij van een derde had gekocht, die het op zijn beurt van de gemeente had verkregen. De gemeente had het perceel in het verleden als vuilstortplaats gebruikt, maar had dit niet meegedeeld bij verkoop. De rechtbank wees de vordering af, maar het hof vernietigde dit en veroordeelde de gemeente tot schadevergoeding.
De Hoge Raad bevestigt dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld door het perceel in het verkeer te brengen zonder de koper te informeren over het historisch gebruik als vuilstortplaats en de daarmee samenhangende verontreinigingsrisico’s. Dit leidde tot een gerechtvaardigde indruk bij de koper dat het perceel zonder beperkingen kon worden gebruikt.
Verder oordeelt de Hoge Raad dat de korte verjaringstermijn van artikel 3:310 lid 1 BW Pro pas begint te lopen op het moment dat de benadeelde daadwerkelijk bekend is met de schade en de aansprakelijke, en niet bij een vermoeden van verontreiniging. Ook wijst de Hoge Raad het beroep van de gemeente op een exoneratieclausule af vanwege de ernst van het verwijt aan de gemeente en de werking van redelijkheid en billijkheid.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van de gemeente en bevestigt daarmee het arrest van het hof dat de gemeente aansprakelijk is voor de door Plameco geleden schade.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de gemeente aansprakelijk is voor de schade door bodemverontreiniging.