ECLI:NL:HR:2006:AW2479
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- Rechtspraak.nl
Beoordeling grondslagverlating bij tenlastelegging wederrechtelijke toe-eigening sieraden
In deze strafzaak stond de verdachte terecht voor verduistering van sieraden die toebehoorden aan een juwelierszaak. Het hof had de verdachte veroordeeld tot een taakstraf van 150 uur, subsidiair 75 dagen hechtenis, na vernietiging van het vonnis van de politierechter.
De verdachte stelde in cassatie dat het hof de grondslag van de tenlastelegging had verlaten door te volstaan met bewezenverklaring van het wederrechtelijk toe-eigenen van 'sieraden' in het algemeen, terwijl de tenlastelegging specifieker was geformuleerd met betrekking tot een aantal specifieke sieraden zoals armbanden, colliers, ringen en broches.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de tenlastelegging kennelijk zo had verstaan dat het ging om de wederrechtelijke toe-eigening van sieraden, waaronder genoemde specifieke voorwerpen, en dat deze uitleg niet onverenigbaar was met de bewoordingen van de tenlastelegging. Hierdoor was er geen sprake van grondslagverlating. Het cassatieberoep werd verworpen omdat geen andere rechtsvragen van belang waren en geen reden bestond tot vernietiging.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling tot een taakstraf wegens verduistering wordt bevestigd.