ECLI:NL:HR:2007:BA8774
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- Rechtspraak.nl
Beperkende werking redelijkheid en billijkheid bij vervalbeding in verzekeringsvoorwaarden
De curator van het faillissement van [A] B.V. vorderde van verzekeraar NOWM vergoeding van schade als gevolg van brand onder twee verzekeringsovereenkomsten. NOWM beriep zich op een vervalbeding in de algemene voorwaarden dat rechten op schadevergoeding na vijf jaar doet vervallen en op het niet tijdig melden van de overgang van het verzekerd belang, waardoor de verzekering zou zijn vervallen.
De rechtbank wees de vordering af, maar het hof verwierp de verweren van NOWM, met name het beroep op het vervalbeding en het niet tijdig melden van de overgang van het verzekerd belang. Het hof oordeelde dat de verzekeraar door nalatigheid van haar makelaar AON niet kan terugkomen op de verzekering en dat het beroep op het vervalbeding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en verwierp het cassatieberoep van NOWM. De Hoge Raad benadrukte dat het vervalbeding niet kan worden gestuit of verlengd en dat het hof het beding juist heeft uitgelegd als een aanspraak maken op vergoeding binnen de termijn. Tevens is het beroep op het vervalbeding onaanvaardbaar vanwege de omstandigheden, waaronder de nalatigheid van de makelaar en het ontbreken van relevante wijzigingen in het risico.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat de mededelingsplicht over de overgang van het verzekerd belang niet onder de wettelijke mededelingsplicht valt die leidt tot verval van de uitkeringsplicht bij opzet tot misleiding. Het bewijsaanbod van NOWM werd door het hof terecht gepasseerd. De Hoge Raad veroordeelde NOWM in de kosten van het geding in cassatie.
Uitkomst: Het cassatieberoep van NOWM wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.