ECLI:NL:HR:2007:BA9614
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- E.J. Numann
- C.A. Streefkerk
- W.D.H. Asser
- W.J.M. Davids
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontvankelijkheid incidenteel hoger beroep en schending hoor en wederhoor in ontbinding arbeidsovereenkomst
BMG verzocht bij het gerecht in eerste aanleg van de Nederlandse Antillen en Aruba om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met verzoeker wegens een gewichtige reden. Het gerecht ontbond de arbeidsovereenkomst en kende een vergoeding toe aan verzoeker. BMG stelde hoger beroep in, terwijl verzoeker incidenteel hoger beroep instelde zonder doorbrekingsgronden van het rechtsmiddelenverbod aan te voeren. Het hof verklaarde verzoeker niet-ontvankelijk in het incidenteel hoger beroep en vernietigde de vergoeding.
Het hof oordeelde dat het gerecht het beginsel van hoor en wederhoor had geschonden door nieuwe argumenten van BMG niet te behandelen, waardoor het hoger beroep ontvankelijk werd verklaard. Verzoeker stelde dat het hof zelf het beginsel van hoor en wederhoor schond, maar de Hoge Raad verwierp dit verweer na een uitgebreide analyse van de processtukken en de feitelijke gang van zaken.
De Hoge Raad bevestigde dat het incidenteel hoger beroep zonder doorbrekingsgronden van het rechtsmiddelenverbod niet ontvankelijk is, ook al werd het principaal hoger beroep ontvankelijk verklaard vanwege schending van hoor en wederhoor. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van verzoeker en veroordeelde hem in de kosten van het geding.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verzoeker wordt verworpen en het incidenteel hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard.