ECLI:NL:HR:2007:BB3192
Hoge Raad
- Cassatie
- J.B. Fleers
- O. de Savornin Lohman
- P.C. Kop
- E.J. Numann
- C.A. Streefkerk
- A. Hammerstein
- Rechtspraak.nl
Teruggeleiding kind bij internationale ontvoering ondanks geworteldheid in nieuwe omgeving
De zaak betreft een internationale kinderontvoering waarbij de moeder het kind ongeoorloofd naar Nederland heeft gebracht, terwijl de gewone verblijfplaats van het kind in Italië was. De Hoge Raad verwijst naar eerdere uitspraken en bevestigt dat het Haags Kinderontvoeringsverdrag (HKOV) van toepassing blijft zolang het gezag over het kind niet is gewijzigd en acties tot terugkeer uitzicht bieden op herstel van de oude situatie.
De moeder voerde aan dat het kind inmiddels geworteld was in Nederland, waardoor Nederland als nieuwe gewone verblijfplaats zou gelden en teruggeleiding niet in het belang van het kind zou zijn. De Hoge Raad verwierp dit betoog, stellende dat de gewone verblijfplaats rechtens niet wijzigt door een ongeoorloofde overbrenging, ook niet bij geworteldheid.
Verder oordeelde de Hoge Raad dat de uitzonderingen in het HKOV, waaronder de belangenafweging bij geworteldheid en mensenrechtenschendingen, niet van toepassing zijn in deze zaak. Ook een beroep op artikel 8 EVRM Pro faalde omdat dit artikel in het licht van het HKOV moet worden uitgelegd en de terugkeer niet in strijd is met het recht op gezinsleven.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van de moeder en bevestigde daarmee de beschikking van het hof die de teruggeleiding van het kind naar Italië gelastte.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de moeder wordt verworpen en de teruggeleiding van het kind naar Italië wordt bevestigd.