ECLI:NL:HR:2007:BB7699
Hoge Raad
- Cassatie
- W.J.M. Davids
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt uitlevering ondanks betwisting recht op nieuw proces na verstekvonnis
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een uitspraak van de Rechtbank Haarlem die de uitlevering van een opgeëiste persoon aan Roemenië toelaatbaar verklaarde. De uitlevering betreft de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf opgelegd bij verstekvonnis, waarbij de verdediging betoogde dat de opgeëiste persoon geen recht op een nieuw proces zou hebben, wat een schending van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) zou opleveren.
De rechtbank wees het verzoek tot het horen van een getuige af die de verdediging wilde laten verklaren over de betekenis van artikel 522, eerste lid, van het Roemeense Wetboek van Strafvordering, dat betrekking heeft op het recht op herberechting. De rechtbank oordeelde dat de beoordeling van een mogelijke schending van het EVRM en de noodzaak van een nieuw proces aan de Minister van Justitie toekomt en niet aan de uitleveringsrechter.
De Hoge Raad bevestigde dat op grond van het tweede Aanvullend Protocol bij het Europees Uitleveringsverdrag uitlevering ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een verstekvonnis geweigerd kan worden indien de verzoekende staat geen voldoende verzekering geeft dat de opgeëiste persoon recht heeft op een nieuw proces waarin de rechten van de verdediging worden gegarandeerd. De Hoge Raad oordeelde dat de rechtbank niet onjuist heeft geoordeeld dat de door Roemenië gegeven verzekering voldoende is en dat de verdediging onvoldoende heeft onderbouwd dat het risico bestaat dat deze verzekering niet wordt nagekomen of dat er geen adequaat rechtsmiddel beschikbaar is.
Het cassatieberoep werd verworpen, waarmee de uitlevering werd bevestigd. De Hoge Raad benadrukte het vertrouwensbeginsel dat de uitleveringsrechter uitgaat van de naleving van verdragsbepalingen door de verzoekende staat, tenzij zwaarwegende feiten en omstandigheden het tegendeel aannemelijk maken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de toelaatbaarheid van de uitlevering.