ECLI:NL:HR:2009:BG4270
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J.P. Balkema
- B.C. de Savornin Lohman
- W.M.E. Thomassen
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt afwijzing ontnemingsvordering wegens vrijspraak valsheid in geschrift
In deze zaak stond de vraag centraal of een ontnemingsvordering tot wederrechtelijk verkregen voordeel toegewezen kon worden terwijl betrokkene was vrijgesproken van het onderliggende feit van valsheid in geschrift. Betrokkene was veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met drugshandel en valsheid in geschrift, maar was vrijgesproken van het onderdeel valsheid in geschrift binnen die organisatie.
Het hof wees de ontnemingsvordering af omdat betrokkene niet afzonderlijk was vervolgd voor valsheid in geschrift, hoewel dit feit onderdeel was van de tenlastelegging. De Hoge Raad overwoog dat het ontnemen van voordeel wegens feiten waarvoor betrokkene is vrijgesproken niet verenigbaar is met artikel 6 EVRM Pro. Echter, ontneming is mogelijk indien het feit behoort tot de categorieën genoemd in artikel 36e, tweede lid, Sr en de betrokkene zich kan verdedigen in de ontnemingsprocedure.
De Hoge Raad stelde vast dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom de ontnemingsvordering werd afgewezen terwijl betrokkene was vrijgesproken van deelname aan een organisatie met het oogmerk valsheid in geschrift te plegen, terwijl het ontnemingsvoordeel juist uit die valsheid in geschrift voortkwam. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor hernieuwde behandeling.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest en verwijst de zaak terug voor hernieuwde berechting van de ontnemingsvordering.