ECLI:NL:HR:2009:BG7763
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- W.F. Groos
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt dat explosief naar aard bestemd is voor treffen personen of zaken
In deze strafzaak stond de vraag centraal of een zelfgemaakt explosief, aangetroffen in het bezit van verdachte, kwalificeert als een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken zoals bedoeld in art. 2 WWM Pro. Het hof had vastgesteld dat het explosief, op grond van een NFI-rapport, naar zijn aard geschikt was om personen ernstig letsel toe te brengen.
De verdediging voerde aan dat het explosief niet bestemd was voor het treffen van personen of zaken omdat verdachte het alleen voor vermaak, zoals het afsteken tijdens oudjaarsnacht, in bezit had. Het hof verwierp dit standpunt en oordeelde dat de bedoeling van de verdachte niet relevant is voor de kwalificatie van het voorwerp.
De Hoge Raad bevestigde het oordeel van het hof en stelde dat de uitdrukking "bestemd voor het treffen van personen of zaken" moet worden uitgelegd zoals in art. 2 WWM Pro, namelijk dat het voorwerp naar zijn aard bestemd is voor die functie. De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bekrachtigde daarmee het arrest van het hof.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat het explosief naar zijn aard bestemd is voor het treffen van personen of zaken en verwerpt het cassatieberoep.