ECLI:NL:HR:2009:BH5221
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- J.P. Balkema
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering opzet bij aanwezig hebben hennep
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het opzettelijk aanwezig hebben van meer dan 30 gram hennep in een auto, samen met een ander. De bewezenverklaring berustte op observaties van politie, waaronder het laden van dozen met hennepstekplanten in een voertuig, en verklaringen van betrokkenen. De verdachte ontkende kennis van de hennep en stelde dat hij niet wist dat de planten in de auto aanwezig waren, mede doordat de auto uit twee afgesloten compartimenten bestond.
Tijdens het hoger beroep betoogde de verdediging dat het opzet op het aanwezig hebben van de hennep ontbrak en dat de bewezenverklaring onvoldoende gemotiveerd was. De Hoge Raad oordeelde dat het hof onvoldoende had gemotiveerd waarom het opzet bij de verdachte aanwezig was, mede gelet op de verklaringen en het verweer van de verdachte. De bewezenverklaring was ontoereikend gemotiveerd.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het Gerechtshof Leeuwarden en verwees de zaak terug voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep. De zaak wordt opnieuw beoordeeld met bijzondere aandacht voor de motivering van het opzet van de verdachte ten aanzien van het aanwezig hebben van de hennep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.