ECLI:NL:HR:2010:BK5992
Hoge Raad
- Cassatie
- D.H. Beukenhorst
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- A. Hammerstein
- W.A.M. van Schendel
- C.A. Streefkerk
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad oordeelt over klachtenprocedure en bewegingsvrijheidsbeperkingen bij dwangopname psychiatrisch ziekenhuis
Betrokkene was opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis van Delta Psychiatrisch Centrum en werd gesepareerd van 10 tot 17 februari 2009. De klachtencommissie verklaarde een klacht over de grondslag van de separatie gegrond, maar de rechtbank Rotterdam wees het verzoek van betrokkene tot erkenning van klachten en schadevergoeding af.
De Hoge Raad oordeelt dat een klacht die door de klachtencommissie gegrond is verklaard niet meer door de rechtbank beoordeeld kan worden, waardoor betrokkene niet-ontvankelijk is in dat deel van zijn verzoek. Klachten over het niet of niet tijdig melden van dwangbehandeling aan de Inspectie voor de Gezondheidszorg kunnen niet via art. 41 Wet Pro Bopz worden ingediend.
De Hoge Raad stelt dat beperkingen in bewegingsvrijheid buiten de separeerruimte schriftelijk moeten worden meegedeeld aan de patiënt conform art. 40 lid 3 jo Pro 40a Wet Bopz. De rechtbank heeft nagelaten te onderzoeken of deze beperkingen rechtmatig waren, wat wel moet gebeuren.
De zaak wordt vernietigd en terugverwezen naar de rechtbank Rotterdam voor verdere behandeling, waaronder de beoordeling van de rechtmatigheid van bewegingsvrijheidsbeperkingen en de toekenning van een eventuele schadevergoeding op grond van art. 41b Wet Bopz.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de beschikking, verklaart betrokkene niet-ontvankelijk voor een gegrond verklaarde klacht en verwijst de zaak terug voor verdere behandeling van bewegingsvrijheidsbeperkingen en schadevergoeding.