ECLI:NL:HR:2010:BK7085
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- J. de Hullu
- W.M.E. Thomassen
- C.H.W.M. Sterk
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende motivering voorwaardelijk opzet bij invoer cocaïne
De zaak betreft het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin verdachte is bewezen verklaard voorwaardelijk opzet te hebben gehad op de invoer van een aanzienlijke hoeveelheid cocaïne verborgen in een stoomketel.
Het Hof baseerde zijn oordeel op het feit dat verdachte betrokken was bij het verzwaren van de ketel met lood en wist dat de ketel vanaf Curaçao weer naar Nederland zou worden vervoerd, waarbij het algemeen bekend was dat vanuit Curaçao veel cocaïne wordt gesmokkeld. Verdachte voerde aan dat hij slechts technisch betrokken was bij een zogenaamd project op Curaçao en niets wist van het drugstransport.
De Hoge Raad oordeelt dat het Hof onvoldoende heeft gemotiveerd dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat er cocaïne in de ketel werd vervoerd. De door verdachte gegeven uitleg en de bewijsmiddelen bieden een alternatieve lezing die het Hof onvoldoende heeft weerlegd. Daarom wordt het arrest vernietigd en de zaak terugverwezen naar het Hof voor hernieuwde berechting.
Uitkomst: Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.