ECLI:NL:HR:2010:BM6936
Hoge Raad
- Cassatie
- F.H. Koster
- B.C. de Savornin Lohman
- M.A. Loth
- Rechtspraak.nl
Omvang terugwijzingsopdracht na cassatie in strafzaak wegenverkeerswet
In deze strafzaak tegen de verdachte, die meerdere overtredingen en misdrijven onder de Wegenverkeerswet 1994 ten laste zijn gelegd, heeft de Hoge Raad het arrest van het gerechtshof te 's-Gravenhage gedeeltelijk vernietigd. De Hoge Raad oordeelde dat het hof de terugwijzingsopdracht van de Hoge Raad na eerdere cassatie niet correct had uitgevoerd, omdat het hof niet alle bewezenverklaarde feiten betrok bij de nieuwe strafoplegging.
De zaak betreft onder meer overtredingen waarvoor de verdachte eerder tot hechtenis en geldboetes was veroordeeld, alsmede ontzeggingen van de rijbevoegdheid. Na eerdere cassatie door de Hoge Raad werd de zaak terugverwezen naar het hof voor hernieuwde berechting en strafoplegging, maar het hof beperkte zich onterecht tot een deel van de feiten.
De Hoge Raad stelt dat het hof gebonden is aan de terugwijzingsopdracht en dat de strafoplegging opnieuw moet worden bepaald met inachtneming van alle bewezenverklaarde feiten onder 1 tot en met 7. Het arrest van het hof wordt daarom vernietigd voor zover het de strafoplegging betreft, en de zaak wordt terugverwezen voor volledige hernieuwde strafoplegging. Het beroep wordt voor het overige verworpen.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd voor de strafoplegging en de zaak wordt terugverwezen voor volledige hernieuwde strafoplegging over alle bewezenverklaarde feiten.