ECLI:NL:HR:2011:BP6012
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- J. de Hullu
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens onvoldoende bewijs van nauwe samenwerking bij diefstal met creditcard
Op 30 maart 2007 werd verdachte samen met een medeverdachte betrapt op het gebruik van een gestolen creditcard bij een tankstation in 's-Gravenhage. Het hof verklaarde bewezen dat zij gezamenlijk met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening goederen betaalden met een niet aan hen toebehorende creditcard. Het bewijs bestond uit verklaringen van het slachtoffer, een getuige, politieprocessen-verbaal en bewakingsbeelden van het tankstation.
Het hof oordeelde dat verdachte en medeverdachte bewust en nauw samenwerkten, mede omdat verdachte de creditcard meerdere keren door de betaalautomaat haalde toen medeverdachte de betaling niet kon voltooien. Verdachte ontkende betrokkenheid bij het gebruik van de kaart, maar het hof verwierp dit verweer.
De Hoge Raad stelde echter vast dat uit de bewijsmiddelen niet volgt dat verdachte met opzet handelde gericht op het niet aan hem en zijn medeverdachte toebehoren van de creditcard. De motivering van het hof over de nauwe samenwerking voldeed niet aan de wettelijke eisen. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest en verwees de zaak terug naar het hof voor een nieuwe beoordeling op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.