ECLI:NL:HR:2011:BU5633
Hoge Raad
- Cassatie
- J.W. van den Berge
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing inzake navorderingsaanslagen en boeten inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg navorderingsaanslagen opgelegd over de jaren 1990 tot en met 1999, inclusief verhogingen en boeten, met inbegrip van heffingsrente. Na bezwaar handhaafde de Inspecteur deze aanslagen en sancties, maar het hof vernietigde deze deels, verminderde de aanslagen en boeten en sprak gedeeltelijke kwijtschelding uit.
Belanghebbende en de Minister van Financiën stelden cassatieberoep in tegen het hofarrest. De Staatssecretaris trok het beroep in, waarna belanghebbende de Hoge Raad verzocht om vergoeding van gemaakte proceskosten. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte het arrest van 15 april 2011 onvoldoende had toegepast, waardoor het hofarrest niet in stand kon blijven.
De Hoge Raad vernietigde het hofarrest voor de verhogingen over 1990-1997 en de boeten over 1998-1999 en verwees de zaak terug naar het gerechtshof te 's-Gravenhage voor verdere behandeling met inachtneming van het arrest. Tevens werd de Staatssecretaris veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is gegrond verklaard, het hofarrest vernietigd en de zaak verwezen voor verdere behandeling.