ECLI:NL:HR:2011:BU6535
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt hofuitspraak over aftrek omzetbelasting bij onduidelijke afnemer
Belanghebbende kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd over 1998, die na bezwaar door de rechtbank werd vernietigd. Het hof vernietigde deze uitspraak echter en stelde dat de diensten door belanghebbende niet waren afgenomen, maar door haar aandeelhouder, waardoor het recht op aftrek van omzetbelasting niet bestond.
De Hoge Raad oordeelde dat het hof de rechtsregel inzake de afnemer op de factuur verkeerd had toegepast. Volgens de wet moet degene die op de factuur als afnemer wordt genoemd en betaalt, worden beschouwd als de afnemer van de dienst, tenzij tegenbewijs wordt geleverd. Het hof legde ten onrechte de bewijslast bij belanghebbende terwijl K B.V. de facturen aan belanghebbende had uitgereikt.
De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest van het hof en verwees de zaak naar het hof te 's-Gravenhage voor hernieuwde behandeling. Tevens veroordeelde de Staatssecretaris van Financiën in de proceskosten van het cassatieberoep.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard en de zaak wordt verwezen naar het hof voor hernieuwde behandeling.